Indische keuken

De Inche keukendis is een samensmelting van de Indonesische en Chinees-Indonesische keuken met de Europese keuken die begon ten tijde van Nederlands-Indië en is vergelijkbaar met de Kristang en Euraziatische keuken uit Maleisië en Singapore. In tegenstelling tot wat velen denken, is de Indische keuken niet hetzelfde als de Indonesische keuken.

De keuken ontstond doordat lokale gerechten naar Europese smaak werden gemaakt en Europese gerechten met lokale ingrediënten. De gerechten werden gecreëerd en gegeten doorIndische Nederlanders. Het koken er van werd meestal verzorgd door een Indonesische kokkie.

Ook de manier waarop gerechten worden geserveerd kan Indisch genoemd worden, zo is de Indische rijsttafel Indisch en niet Indonesisch en werd nasi goreng onder Indische invloed een hoofdgerecht in plaats van een gerecht van restjes dat ‘s ochtends werd gegeten.

Los van elkaar kunnen de Indische en Indonesische keuken niet worden gezien. Niet alleen bevat de Indische keuken invloeden van de Indonesische keuken, de Indonesische keuken bevat ook Europese invloeden zoals het door Portugezen en mestiezen ingevoerde gebruik en teelt van Spaanse peper. Ook zijn Indische gerechten op den duur onderdeel geworden van de Indonesische keuken. Enkele voorbeelden daarvan zijn spekkoek (Lapis legit of Spikoek), zwartzuur (Bebek Suwar-suwir), pastei (Pastel tutup) en pasteitjes (Panada). Nieuwe gerechten, zoals babi ketjap, ontstonden toen Indische Nederlanders na aankomst in Nederland na de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog met de toen nog weinige verkrijgbare Aziatische producten Nederlandse gerechten eten op smaak brachten.